De agri- en foodsector in 2026: zes marktontwikkelingen die de spelregels veranderen
De Nederlandse agri- en foodsector is springlevend én onder druk. Met een productiewaarde van ruim €114 miljard is het een van de pijlers van onze economie. Nederland is na de Verenigde Staten de grootste agri- en food-exporteur ter wereld. Tegelijk is de sector in 2026 volop in beweging: nieuwe regelgeving die opnieuw wordt aangescherpt en versoepeld, retail-eisen die onverminderd doorstijgen, AI die eindelijk uit de hype-fase komt en een arbeidsmarkt die maar blijft knellen.
Voor organisaties betekent dat één ding: de koers van de sector bepaalt in toenemende mate de koers van je IT. Wie zijn IT niet meebeweegt loopt binnen de kortste keren achter op concurrenten die dat wel doen.
In deze blog zetten we zes belangrijke marktontwikkelingen op een rij met wat ze betekenen voor jouw organisatie.
1. Groei is terug, maar turbulentie blijft
Na jaren van extreme prijsstijgingen herstelt de sector zich. ABN AMRO heeft de volumeprognose voor 2025 naar boven bijgesteld en verwacht ook voor 2026 lichte groei. De binnenlandse vraag trekt aan en de export groeit: naar Duitsland met 10%, naar Polen zelfs met 24%.
Tegelijk is de structurele volatiliteit niet verdwenen. Ketens zijn grilliger geworden, grondstofprijzen blijven schommelen en geopolitieke ontwikkelingen, van Amerikaanse importheffingen tot aanhoudende sancties tegen Rusland, maken afzetmarkten van de ene op de andere dag kwetsbaar. Voor sommige exporteurs naar de VS kunnen nieuwe heffingen een kwart van de omzet in dat marktsegment wegvagen.
Wat dit betekent voor IT: de winnaars zijn bedrijven die snel kunnen schakelen als een markt wegvalt of juist openbreekt. Dat vraagt om systemen die binnen weken (niet binnen release-cycles van anderhalf jaar) nieuwe processen, documenten en datastromen ondersteunen.
2. EUDR uitgesteld, de IT-opgave niet
Eind 2025 heeft de EU de ontbossingsverordening (EUDR) opnieuw een jaar uitgesteld, tot eind 2026. Op papier lijkt dat lucht. De eis zelf verandert echter niet: voor elk product moet je straks tot op perceelniveau kunnen aantonen waar het vandaan komt, met geodata, leveranciersgegevens en een sluitend bewijsspoor. In de kern is dat een datavraagstuk. En precies daar zit voor de meeste organisaties het echte werk.
Want die herkomstdata zit nu zelden netjes op één plek. Hij is verspreid over je ERP, losse leveranciersportalen, mailboxen en de welbekende Excel-sheets. Om aan EUDR te voldoen moet je die bronnen koppelen, opschonen en doorlopend actueel houden. Dat is geen project dat je in een paar weken erbij doet. Het kost maanden om je masterdata op orde te krijgen, koppelingen met ketenpartners in te richten en je rapportage te automatiseren.
Het uitstel werkt daarom verraderlijk. Het voelt als ruimte, terwijl het in de praktijk de tijd is die je nodig hebt om je systemen klaar te maken. Wie wacht tot het najaar van 2026, ontdekt dan dat datakwaliteit zich niet laat versnellen onder tijdsdruk.
Wat dit betekent voor IT: behandel 2026 als implementatiejaar. Breng je herkomstdata samen in één betrouwbare bron, automatiseer de bewijsvoering en zorg dat je leveranciersdata via koppelingen binnenkomt in plaats van via handwerk. Doe je dat nu, dan is compliance straks een knop in je systeem. Stel je het uit, dan staat er eind 2026 een handmatige uitputtingsslag op je te wachten, precies wanneer de handhaving begint.
3. AI verlaat de hype-fase en wordt volwassen
In 2023 en 2024 ging AI vooral over experimenten. In 2026 zien we een duidelijke kentering: de sector vraagt om AI met een concrete business case. "Eerst BI, dan AI," zoals IT-manager Frank Wester van Koninklijke Vezet het in ons eigen trendrapport verwoordt. Zonder datakwaliteit en integratie tussen systemen valt er weinig waarde uit AI te halen.
Waar AI nu wél waarde levert in de sector:
-
Telers: oogstvoorspellingen op basis van weer-, bodem- en sensordata.
-
Voedselproducenten: vraagvoorspelling, kwaliteitscontrole via vision, automatisering van handmatige controles op de productielijn.
-
Import & export: automatiseren van douanedocumentatie en compliance-controles.
Het gemeenschappelijke vereiste? AI werkt alleen als het kan rekenen op schone, gestroomlijnde data die zich vrij tussen systemen én ketenpartners kan bewegen.
Wat dit betekent voor IT: investeren in een datafundament komt voor AI-pilots, niet erna. Anders bouw je vindingrijke modellen bovenop een stroperig landschap, met teleurstellende ROI als voorspelbaar gevolg.
4. Arbeidsmarktkrapte dwingt tot kennisborging
De krapte op de arbeidsmarkt blijft een van de grootste knelpunten. Uit ons trendonderzoek onder 29 agri- en foodbedrijven blijkt dat 52% de krappe arbeidsmarkt als belangrijke externe uitdaging ziet. Die krapte raakt twee kanten:
- Operationeel: minder handen in het veld, in de fabriek, in de logistiek. Robotisering en AI worden noodzaak, geen luxe.
- IT-kennis: bij 75% van de onderzochte bedrijven is één persoon of één team verantwoordelijk voor het informatielandschap. Valt die persoon weg, dan verdwijnt cruciale systeemkennis ook.
Wat dit betekent voor IT: kennis moet breder in de organisatie geborgd worden. Platforms waarop ook business-analisten en functioneel beheerders kunnen bouwen, in plaats van alleen senior developers, worden in dit klimaat strategisch belangrijk. Flexibiliteit, goede documentatie en low-code principes helpen om minder afhankelijk te worden van individuele experts.
5. Ketenintegratie wordt concurrentiekracht
De cijfers uit ons onderzoek zijn duidelijk: 92% van de telers werkt al samen met partners in digitaliseringstrajecten, en bij voedselproducenten noemt 100% ketenkoppelingen dé grootste uitdaging. Dat is geen toeval. Naarmate regelgeving zwaarder op de keten leunt (traceerbaarheid, herkomstbewijs, CO₂-rapportage), wordt data-uitwisseling met partners cruciaal.
De harde waarheid: je duurzaamheidsclaim is alleen zo sterk als de data die je van je ketenpartners krijgt. Handmatige e-mails met PDF-bijlagen gaan die uitdaging niet oplossen.
Wat dit betekent voor IT: API-gedreven integraties, gedeelde dataplatforms en open standaarden worden de nieuwe basisvoorwaarde. Organisaties die hun IT-landschap modulair en koppelbaar maken, positioneren zich als aantrekkelijke ketenpartner. Wie opgesloten zit in gesloten legacy-systemen, maakt zichzelf voor steeds meer afnemers onaantrekkelijk.
6. Duurzaamheid verschuift van rapportage naar sturing
Waar duurzaamheid tot voor kort vooral een rapportageverplichting was (CSRD, CSDDD, EUDR) zien we nu een volgende stap: bedrijven die duurzaamheidsdata inzetten als stuurinformatie. Welke leverancier heeft de laagste footprint? Welke route bespaart zowel CO₂ als kosten? Welke productielijn is energetisch het efficiëntst?
Dat vraagt om real-time data, ketenbreed inzicht en analytische capaciteit op het niveau van operationele beslissingen.
Wat dit betekent voor IT: duurzaamheid verhuist van de finance-afdeling naar de operatie. En dat kan alleen als de onderliggende IT dat faciliteert met actuele, betrouwbare data uit alle bedrijfsprocessen, inclusief de processen van ketenpartners.
De rode draad: flexibiliteit is geen luxe meer
Wat al deze ontwikkelingen met elkaar verbindt? Ze vragen allemaal om hetzelfde: een IT-landschap dat sneller kan meebewegen dan verouderde systemen toelaten.
Regelgeving verandert, zowel strenger als soepeler. Consumenten en retailers eisen transparantie. Ketenpartners stellen nieuwe integratie-eisen. AI vraagt om schone data. Elke marktontwikkeling confronteert bedrijven met dezelfde vraag: Zijn mijn systemen flexibel genoeg om de volgende verandering op te vangen? Of zit ik vast aan een landschap dat innovatie remt?
Bedrijven die die vraag nu serieus nemen, lopen straks voorop. Bedrijven die wachten tot het écht moet, komen er pas achter hoe diep hun legacy-rem zit als het te laat is.
Poll: waar zit bij jullie de grootste rem?
0 stemmen